Wat kunnen de gemoederen toch hoog op lopen over bepaalde onderwerpen. En heel goed, want met elk woord dat viral kan gaan, zou je bijna niet meer op durven staan voor hen die het nodig hebben.
De strenge abortuswetten in bijvoorbeeld Ohio en het verbod op abortus in Alabama is zo'n onderwerp. Vanaf wanneer mag een abortus niet meer (hartslagwet). Mag de vrouw zelf beslissen over het leven wat in haar groeit? Eerlijk gezegd vind ik het soms moeilijker om te zien dat zomaar iedereen kinderen mag krijgen, maar dat terzijde.
Het is een vreemde wereld. Als je onbezorgd en soms even per ongeluk onbeschermd vrijt, is er altijd de abortus nog. Daar is het abortus natuurlijk niet voor uitgevonden, maar met dit soort wetten lijkt het meer op 'pro-abuse' in plaats van 'pro-life'. 
Niet elke vrouw kan bewijzen dat ze verkracht werd. Je kunt ook niet aantonen dat je totaal niet toe bent aan kinderen en waarschijnlijk niet goed voor een kind zou kunnen zorgen. Wat deze mensen willen met de strenge wetten of zelfs afschaffing is laten weten dat intimiteit alleen binnen een huwelijk mag (even er vanuit gaande dat er binnen het huwelijk geen gedwongen sex plaatsvindt) en dat elk nieuw leven beschermd moet worden. Wat we dus eigenlijk willen is dat verkrachting niet bestaat en dat iedereen zich netjes volgens Gods woord gedraagt. Zo is het niet.
Juist door veel wat in de bijbel staat, moeten vrouwen beschermd worden. Tegen mannen die woorden als 'afhankelijk' en 'gehoorzaam' verkeerd hebben geïnterpreteerd.
En waarom verstaan deze christenen onder de woorden 'Elk leven' niet ook dierenlevens? God schiep al het leven. Waarom beschikken wij over leven en dood van een koe? We insemineren haar kunstmatig om haar zwanger te houden. Als een mensenvrouw voor haar kinderen behoort te zorgen volgens de bijbel, waarom drinkt ze dan de melk (of yoghurt of ijs) van de koe, terwijl haar baby in een andere stal flesvoeding krijgt? Omdat de mens boven dieren staat?
Ik vraag me ook af wat zouden ze zeggen op deze: toen ik met mijn gynaecoloog de keizersnede van de tweeling doorsprak, kwam de volgorde van de waarde van onze levens naar ter sprake. De doktoren zijn verplicht bij een levensbedreigende situatie te kiezen voor het leven van de moeder boven dat van de baby's. Maken deze mensen geen gebruik van keizersnedes? Het lijkt me de omgekeerde wereld dat er nu vrouwen vast zitten voor een abortuspleging omdat ze verkracht zijn.
Wat deze vrouwen nodig hebben is compassie, begrip en liefde. Jezus vroeg, net als alle wijzen die de geschiedenis kent, ons om elk moment te handelen vanuit liefde. Je niet vast te klampen aan geschreven woorden. Deze woorden zijn slechts een vinger die naar de maan wijst.
Onderstaand verhaal helpt mij altijd om tijdens mijn weg van nederigheid, mate en goed doen de regels aan te kunnen passen indien nodig:
Twee monniken die op reis waren, kwamen bij een rivier aan. Daar was een vrouw die wilde oversteken. Omdat ze bang was voor de stroming in de rivier vroeg ze of de monniken haar naar de overkant wilden helpen. De jongste monnik aarzelde. De oudste zette haar op zijn schouders, waadde door de rivier en zette haar neer op de oever aan de overkant van de rivier. De vrouw bedankte hem en vertrok. De monniken vervolgden hun reis. De oudste stapte rustig door en genoot van het mooie landschap. De jongste was in zichzelf gekeerd.
Na twee uur te hebben gelopen, verbrak de jongste het zwijgen en zei wat hem dwars zat: "Broeder, wij hebben geleerd dat we contact met vrouwen moeten vermijden, maar jij pakte haar op je schouders en droeg haar!" "Broeder", antwoordde de oudste monnik, "Ik heb haar neergezet aan de overkant, terwijl jij haar nog steeds bij je draagt."

De wereld is niet perfect en hoe meer van dit soort wetten, hoe verder van perfect ze wordt. 


Little burnouts

Als ik Phiene uit bed haal zegt ze meteen: ‘Centjes centjes.’
Ik gaf haar gisteravond de centjes uit ons losgeldbakje om in haar kassa te doen. Meteen vroeg ze aan iedereen: ‘Wil je?? Wil je??’ Ze had boeken te koop, een tomaat, een potje lijm een chocoladebroodje.
‘Centjes MIJ’ herhaalde ze. Ik deed een poging: ‘De centjes zijn van papa en mama en Phiene mag er mee spelen. ‘Neeeeee wheeeaaaaaah centjes mijijijijijij.’ Oeps, dit ligt gevoelig. De gehechtheid aan geld zit er al vroeg in.

Ik stond op met opnieuw een hoofd vol snot en hoofdpijn. Moe ook.

Toch sliepen de jongens afgelopen nacht door. De nacht ervoor niet maar de drie dáárvoor wel. Of komt het toch door mijn chips verslaving? Een nieuw voorraadje gezonde snacks en koeken maken, was er bij ingeschoten. Stephen was gisteravond onverwachts laat thuis en op maandag hebben Lisa en Jop tussen half zeven en acht toneel les en voetbal. Het eten was s’morgens al voorbereid en toch eindigt dat dan in chaos. Twee baby’s tegelijk een fles geven en een vermoeide peuter coachen zodat ze het nog net even redt totdat ik de baby’s op bed heb, is niet mijn hobby. Laat ik iets preciezer zijn; als ik moe ben, het huis een rommel en het vooruitzicht dat je over anderhalf uur nog niet klaar bent met de tafel afruimen, keuken schoonmaken, speelgoed in de hoek vegen, vuilnisbakken legen en weer enigszins opgeladen zijn om te luisteren hoe voetbal en toneel was, doe ik het met wat minder plezier.

Terwijl ik een boterham dik besmeer met pindakaas en een kop rozemarijnthee inschenk voor mezelf zet ik de al gemaakte flesjes voor de baby’s op de salontafel bij de box. Ik erger me aan de brokken aarde in de vorm van het profiel van de zool van Jop’s voetbal schoenen op de terugweg naar de keuken. In één hand verzamel ik de twee soorten korreltjes die we via de homeopaat kregen en in de andere hand de nijntje vitamine D druppeltjes en een lepeltje, dat natuurlijk nog in de vaatwasser zit. Terwijl ik me niet probeer af te vragen of ik zal vragen wiens beurt het is de vaatwasser uit te ruimen, begin ik over groentesap. ‘Jaaaaaah’ zegt Jop. ‘Je vergat het gisteren ook weer, Jop. Je zou het gistermiddag alsnog doen en dat vergat je ook.’ ‘Ik doe het heus wel!’

Twintig minuten later zit ik op de hoek van de bank met Siem die maar weer eens geen zin heeft in zijn flesje. Wel kijkt hij een stuk vrolijker uit zijn ogen dan de afgelopen weken. De korreltjes lijken wat voor hem te doen. Lars ligt in het babynestje in de box met zijn flesje te zwaaien. Het is op. Hij bestudeert afwisselend de speen en de onderkant pakt het over met zijn andere hand en zwaait het dan van links naar rechts met de handigheid van een tweejarige. Phiene komt centjes brengen in de hand die om Siem gevouwen zit. Ik vraag me af waarom een peuter niet opmerkt dat het handiger is een vrije hand te kiezen. En ik vraag me af hoe het komt dat een volwassen zich dat afvraagt.

Ineens wordt ik overmeestert door een vlaag van wanhoop.

Een impuls om op te staan en mijn telefoon of koffie te gaan halen laat ik voorbij gaan. Siem zit ondertussen rechtop met het koffie broodje in zijn handje. Af en toe lijkt hij een hapje te nemen. Als hij het laat vallen, pakt Phiene het op en zegt vriendelijk: ‘Niet gooien, Siem.’
Ik overweeg om de handdoek in de ring te gooien. Hoe zou dat er uit zien, opgeven? Als je opgeeft, heb je niet ineens geen kinderen meer. Of geen huis om schoon te houden. Instorten dan. Dan zeg ik gewoon tegen iedereen dat ik totaal niet meer kan. Dan komt iedereen helpen en ga ik in bed liggen. En als ik dan enigszins ben uitgerust kom ik eruit en kan ik voorlopig alleen dingen doen die me ontspannen.
Ik liet het allemaal komen. Ik voelde dat ik dit niet wilde voelen. Ik sloot mijn ogen en voelde hoe onmacht in mijn onderbuik. Een razende warmte als een soort van kolk. Duwend en prikkend tegen ingewanden. Zo werd het weer rustig. Ik omarmde wat ik eigenlijk niet wilde voelen. Ik bleef erbij, rende niet weg. Nog even concentreerde ik me op mijn ademhaling, die vaak op dit soort momenten niet verder wil dan mijn maag. Naar de kolk toe ademen was moeilijk. Alsof die frisse, onschuldige adem het op moest nemen tegen de razende kolk in mijn onderbuik. In een battle tussen goed en kwaad. Het fijne en het nare. Samen met mijn adem ging ik nog eens naar binnen en nog eens. Steeds en stukje verder en in gedachte nam ik de kolk in mijn handen en trooste haar. Je mag daar zijn. Zeg het maar. Ze vroeg of ik niet wilde weg rennen voor vermoeidheid en voor pijn. Ze vroeg ik er voor haar wilde zijn. Gewoon even luisteren wat ze te zeggen heeft.

Alle centjes lagen in mijn hand, Phiene was niet van plan om ze te houden. Ze wilde alleen dat ik niet zei dat ze van papa en mama zijn. Dat maakt het spel niet echt. Net als dat ze geen mevrouw van de kassa heet, maar ‘Sfhiene!’


OFFLINE

Een week was ik offline. Wat voor mij betekent geen Instagram. Begrijp me goed; ik hou van Instagram. Ik vind het een prachtig medium om een helder beeld neer te zetten van wat ik mooi vind en inspiratie op te doen. Hoewel ik me zo veel mogelijk houd aan de tijd die ik online wil besteden, kost het toch meer tijd dan ik steeds denk. Het is hoe dan ook een wisselwerking van contacten. Je in elkaar verdiepen, reageren en antwoorden.

 
Verstillen vind ik heel waardevol. Het rad langzamer laten draaien of er even helemaal uitstappen. Dat is ook zo heerlijk aan vakantie. Een andere omgeving, dingen doen en lezen waar je in het dagelijks leven weinig tijd voor hebt.
Ik wilde heel graag de gemiddelde 10 uur die ik wekelijks aan Instagram besteed (echt 10 uur, andere apps op mijn telefoon zitten hier niet bij in) gebruiken om te mediteren en te schrijven.

 

‘Maandag plaatste ik mijn laatste post en het koste me direct moeite om niet te kijken of ik reacties zou krijgen’

 

Dat duurde niet langer dan een dag maar ik opende zelfs een keer of twee, geheel onbewust, mijn Insta app, drukte op het hartje en had toen pas door dat ik reacties zat te lezen. Ik besefte me de volgorde die ik altijd aanhoud. Eerst open ik Whatsapp om te kijken hoe het staat met gemaakte afspraken of dat er iemand een vraag heeft gestuurd en vervolgens open ik Intagram om bij wijze van beloning even mooie plaatjes te bekijken.
Al gauw werd het rustig om me heen naarmate ik langer was gestopt met nieuwe plaatjes en verhalen van buitenaf op te zuigen. Ik hoor mijn kinderen wel eens in appgroepjes zeggen (typen) ‘Stop met spammen’. Spammen is eigenlijk wel een mooie omschrijving voor wat er in mijn hoofd gebeurt de hele dag met al die prikkels. Eigenlijk kan ik het allemaal helemaal niet bijhouden. Je denkt dat je alleen zit te kijken, maar stiekem bedenkt je hoofd wat je er allemaal mee moet, of zit zich er naarstig een eigen mening over te vormen. En dat moet snel gebeuren, want de volgende twintig beelden of stukjes tekst dienen zich alweer aan.

 

‘Zonder nog maar één keer op mijn meditatie kussen te hebben gezeten,
ging er al een bezem door mijn hoofd’

 

Het lijkt ook wel of ik met al die ‘work in progress’ in mijn hoofd steeds niet helemaal klaar ben. Dat je pas weer een goede zucht van verlichting kan slaken, als alles afgerond is. Alsof de binnenwand van mijn hoofd volgeplakt zit met geeltjes waarop allerlei to do’s staan geschreven, unfinished isues.
Op dag twee werd het rustig in mijn hoofd en ik gaf mezelf toestemming om door te ademen. Ik zei dat het niet erg was om een weekje niet te weten wat al die leuke mensen aan het doen zijn en welke prachtige foto’s ze plaatsen. De twee mensen waar ik een afspraak mee heb staan om materiaal aan te leveren en een patroon te testen, stuurde ik nog even een berichtje en ik kon me volledig focussen op wat er zich in huis afspeelde.

 

‘Instagram is voor iemand als ik niet nodig, wel nuttig en fijn’

 

Deze week gaf me de tijd om na te denken. Hoe wil ik Instagram gebruiken, hoe wil ik mijn tijd gebruiken? Ik merkte ten eerste dat ik pas een eerlijke mening kon vormen nu ik even afstand nam. Er vormde zich als vanzelf een selectie van mensen en bedrijven die ik graag volg om wat van te leren en mensen die ik volg om bij af te kijken (styling, interieur, kleding). Ik denk wel eens dat ik uniek moet zijn, maar wat we als mensen van elkaar leren in combinatie met wat we zelf vinden of creëren, maakt ons juist uniek. Ook de grootste kunstenaars en meest briljante personen leren van anderen. Al zou de één wat meer van zichzelf mogen toevoegen en de ander wat meer open kunnen staan voor suggesties van anderen. Zo kom ik als vanouds weer terug op die balans.
Als ik merk dat het tijd is voor mijn weekje offline, kan ik nog niet helemaal zeggen waarom, maar tijdens zo’n week of een aantal dagen, leer ik zoveel over waar ik sta en waar ik naartoe wil. Het kan best weer eens een nieuwe koers zijn, of de oude koers moest uit het stof gehaald worden. Het wordt gewoon weer helder. Wat is mijn visie? Zonder dat ik visies overneem van mijn helden op social media. Zo werd me ook weer helder dat ik achter mijn eigen visie mag staan. Als mijn hart er sneller van gaat kloppen, ís het mijn weg. Dan kan ik kritiek weer gewoon zien als vragen die gesteld worden, door iemand die geïnteresseerd is, in plaats van me onzeker te gaan voelen.


Je kunt alleen op je eigen pad blijven, door er soms eens even op een bankje te gaan zitten en te genieten van het uitzicht. Als je erover heen rent, vergeet je te kijken wat er groeit, of neem je per ongeluk een zijpad. Je ziet de jonge scheuten niet van de bomen die je zelf zaaide of het afval wat anderen er achter lieten.
Als je soms gaat zitten, kun je de weg opschonen. Voelen of het deze route écht bij je past. Cookies verwijderen en een frisse wind laten waaien. Knaagt er nog iets? Misschien moet het bankje verplaatst worden omdat het uitzicht veranderde, misschien groeiden sommige bomen te ver boven de rest uit dat ze de anderen planten in hun groei belemmeren. Misschien zit je precies goed, maar was je vergeten ervan te genieten.

Zo kon ik weer op een rijtje zetten wat ik echt belangrijk vind. Wat automatisch betekent dat ik een hoop andere dingen niet kan doen, of in de wacht moet zetten.
Want tijd kan ik niet kopen (ik heb nog gezocht, zelfs Ali heeft het niet;)) maar wel anders indelen.